Sevilla, Stad van de flamenco

Sevilla is de hoofdstad van de Spaanse regio Andalusië in Zuid-Spanje. Inwoners: ruim 700.000. Tel je daar het aangrenzende, stedelijke gebied bij op, dan kom je op zo’n 1.3 miljoen mensen. Alleen Madrid, Barcelona en Valencia zijn groter. De stad ligt aan de rivier de Guadalquivir.

Vooruit, misschien is een trip naar Sevilla in augustus niet verstandig. Het is er snikheet, vaak 40 graden en warmer. Maar verder? Sevilla is de stad met het grootste historische centrum van Europa. De tapas is er zo'n beetje uitgevonden, de flamenco komt er vandaan. Kortom, er zijn redenen genoeg om naar Sevilla te gaan.

Allereerst het historische centrum. Dat het tegenwoordig zo tot de verbeelding spreekt, heeft natuurlijk alles met de geschiedenis te maken. Tot twee maal toe namelijk was Sevilla één van de belangrijkste steden van de wereld. De eerste bloeiperiode was onder de (islamitische) Moren, die vanaf de achtste tot de dertiende eeuw de scepter over Sevilla zwaaiden. Later, vanaf het einde van de vijftiende eeuw, profiteerde de stad nog eens van ontdekkingsreizigers als Columbus. De boten van deze mannen, vol pracht en praal uit de Nieuwe Wereld (Noord- en Zuid-Amerika), werden in de haven van Sevilla gelost.

Zowel de Moren als de Christenen (die de macht in de dertiende overnamen) zetelden in het Alcázar. Het koninklijk paleis is een mix tussen de (islamitische) Moorse en Christelijke architectuur. Het is een combinatie die je overigens in heel Sevilla terugvindt. Bij de Catedral de Santa Maria de la Sede bijvoorbeeld. Deze kathedraal werd gebouwd op een moskee. Hetzelfde geldt voor La Giralda. Deze klokkentoren, die bij de kathedraal hoort, was vroeger een minaret van de moskee.

En dan zijn er nog de vele tapasbars. Neem plaats op één van de terrassen en kijk om je heen. Naar oma die een biertje bestelt. Naar de vaak oudere heren achter de bar die witte blouses met zwarte strikken dragen. Naar wonderschone Maria die een mobiel telefoontje pleegt. Naar Alberto die - met z'n scooterhelm op tafel - een krantje leest. Of werp een blik op de grote varkenspoten aan de muur, waar de bekende hammen vanaf gesneden worden. Of op de tapas, de kleine hapjes, onder de glazen bovenkant van de bar.

En dan heb je nog geen flamenco gezien. Want Sevilla - en heel Andalusië - is de bakermat van deze muziek en dans. Door heel de stad, bijvoorbeeld in Los Gallos (27 euro) en La Casa de la Memoria (13 euro), kun je terecht voor flamencoshows. Alleen in La Carbonería hoef je niet te betalen.

Nog tijd over? Ga dan naar de restaurants en cafés in Santa Cruz: de mooiste wijk van de stad. Of ga naar de Calle Betis. Je hebt er een prachtig uitzicht op de historische skyline van Sevilla. Maar let op: loop niet voor 21.00 uur een restaurant binnen. Sterker nog, vanaf 22.00 uur komt de boel pas echt goed op gang. Je zit nou eenmaal tot over je oren in Spanje. Geniet ervan. Olé!

 

Accommodaties Sevilla

Weer in Sevilla

vrij veel bewolking
12 °C

vrij veel bewolking

Nuttige info

Ligt in Spanje
De euro
Geen tijdsverschil
±3 uur vliegen

Alcázar

» meer bezienswaardigheden

Deel met vrienden